Scholing

Opleiding counselors

Aan het begin van de zwangerschap wordt aan de zwangere gevraagd of zij geïnformeerd wil worden over prenatale screening.  Als deze wens er is dan geeft de verloskundige zorgverlener (verloskundige, gynaecoloog, huisarts) relevante informatie over de screening op het downsyndroom, trisomie 18 en trisomie 13 en het SEO. De verloskundig zorgverlener tekent aan in het dossier of de vrouw al dan niet informatie wil ontvangen over prenatale screening. Als de zwangere meer wil weten volgt een counselinggesprek. De counselor tekent in het dossier aan dat de counseling heeft plaatsgevonden en wanneer.

De zwangere heeft het recht op niet-weten en kan dit tijdens het eerste consult kenbaar maken of op ieder ander moment. De counselor is verantwoordelijk voor de communicatie met de zwangere over de testuitslagen. Indien de counselor niet de eigen verloskundig zorgverlener is dienen hier goede afspraken over te zijn met de verloskundig zorgverlener en het Regionaal Centrum. De verloskundig zorgverlener verzorgt de zwangerschapsbegeleiding en vergewist zich ervan of de procesgang en de communicatie goed verlopen. De verloskundig zorgverlener kan daarbij gebruik maken van vertaald voorlichtingsmateriaal of van een tolk voor die zwangeren die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen. Het counselingsgesprek is het eerste onderdeel van de screening.

 Aan de counselor worden landelijk bepaalde eisen gesteld ten aanzien van opleiding voor counseling en ten aanzien van de kwaliteit van het voorlichtingsgesprek.

 Kwaliteits -en opleidingseisen counseling

Overzicht opleidingsinstituten counseling